De mannen en vrouwen van '97 Henk Angenent en Klasina Seinstra



Henk Angenent en Klasina Seinstra bij de boekuitreiking van It giet oan, zei Kroes in Hindeloopen op 4-01-2017.


Het is zaterdagmiddag 4 januari 1997, 12.19 uur om exact te zijn. Heel Nederland houdt zijn adem in als de eindsprint nadert op de Bonkevaart. Wie gaat de 15e Elfstedentocht winnen? Angenent draait als eerste de Bonkevaart op, Verduin gaat de sprint aan. "Hulzebosch of Angenent", roept commentator Herbert Dijkstra. "Het wordt Angenent!" Vijfentwintig jaar na dato zijn het nog steeds gevleugelde woorden. Terug naar 1997, een uur na de binnenkomst van Angenent verloopt de eindsprint in de vrouwenwedstrijd minstens zo spannend als bij de mannen. Om 13.19 uur wint Klasina Seinstra de sprint van Gretha Smit. Vanaf Dokkum wisten zij dat ze om de winst streden. "Gretha probeerde een paar keer te demarreren, maar ik attaqueerde gelijk fel. Soms stonden we zelfs even surplace," vertelde Seinstra in het boek It giet oan, zei Kroes. De winst in de Elfstedentocht zet het leven van zowel Angenent en Seinstra op zijn kop. "Er gaat geen dag voorbij of ik word herinnerd aan mijn Elfstedenoverwinning", zegt Angenent daarover. "Ik deel mijn leven in in een periode voor 4 januari 1997 en een periode daarna."



Henk Angenent

Leeftijd in 1997: 29 jaar

Woubrugge

Ondernemer

Getrouwd, drie kinderen


Henk:

“Er gaat al twintig jaar geen dag voorbij of ik word herinnerd aan mijn Elfstedenoverwinning. Ik deel mijn leven in, in een periode voor 4 januari 1997, en na die tijd. Als ik de Elfstedentocht niet had gewonnen, had mijn leven er echt anders uit gezien. Ik was eind december 1996 al in topvorm. Tijdens de Elfstedentocht viel voor mij alles op zijn plaats. Ik voelde mij heel sterk die dag. In Franeker beleefde ik een kippenvelmoment. Op de stadswallen stonden daar enorm veel mensen ons toe te juichen. Het is daar alsof je daar een soort arena binnenrijdt. Dat geluid van al die mensen zal ik nooit vergeten. Vlak voor Bartlehiem wist ik dat ik de Elfstedentocht ging winnen. Er schoot ook door mijn hoofd of ik dat wel wilde. Ik realiseerde mij, zelfs op dat moment, dat een overwinning extreem veel impact zou hebben.

Als persoon ben ik na het winnen van de Elfstedentocht hetzelfde gebleven. Ik heb wel een soort schild om mij heen gebouwd om mijzelf en mijn familie te beschermen tegen ongewenste zaken. In de loop van de jaren heb ik wat dat betreft heel veel mensenkennis opgebouwd. In de eerste twee jaar na mijn overwinning van de Elfstedentocht heb ik mij op zakelijk gebied laten begeleiden door Hein Vergeer. Van hem heb ik veel geleerd. Na 1997 heb ik ook als schaatser mijn carrière op sportief gebied verder kunnen uitbouwen. Ik ben werelduurrecordhouder geweest en Nederlands Kampioen op de 10 km. In 2006 had ik eigenlijk Nederland moeten vertegenwoordigen op de Olympische Spelen. Ik vond daarbij veel tegenwerking vanuit het ‘langebaanwereldje.’ Met dat wereldje had ik als marathonschaatser geen klik. Toen al, heb ik voorspeld dat marathonschaatsers ook het langebaanschaatsen zouden gaan domineren op de 5 en 10 km. Dat is uitgekomen.

Na mijn Elfstedenoverwinning heb ik mijn boerderij voortgezet maar ik ben mij in de loop van de tijd ook intensief bezig gaan houden met de fokkerij in de paardenwereld. Er zijn hierin veel paralellen met de sportwereld te trekken. Het gaat om kennis, intuïtie, goed observeren en het besef dat, net als een sporter, elk dier een andere aanpak nodig heeft. Deze uitgangspunten hanteer ik ook voor mijn nieuwe marathonploeg voor talenten. In deze ploeg Ormer ICT leid ik talentvolle marathonschaatsers op en wil ik hen behoeden voor de vele valkuilen die er zijn in de weg naar de top.

Er wordt in de schaatswereld alleen op basis van tijden geselecteerd en niet op basis van potentie. Dat is echt een gemis. Voor de toekomst is mijn voorspelling dat een Elfstedenwinnaar een man en vrouw zal zijn met een plattelandsachtergrond en een nuchtere instelling. Al die druk die er of je afkomt in een week voor een Elfstedentocht daar moet je wel mee om kunnen gaan. De jongens uit mijn schaatsploeg weten al dat, mocht er een Elfstedentocht komen, ik mee zal doen aan de toertocht. Met een paar vrienden wil ik van dat moment gaan genieten. Als wedstrijdrijder heb je daar geen tijd voor. “






Klasina Seinstra

Leeftijd in 1997: 28 jaar

Luxwoude

Getrouwd, twee kinderen

Klasina:

“Op jonge leeftijd ben ik begonnen met schaatsen. In de zomer van 1974 ben lid geworden van schaatsvereniging HCH Heerenveen, ik was toen twaalf jaar. Eind jaren zeventig werd ik opgenomen in de Friese schaatsselectie. Op de langebaan kon ik goed mee. Ik ben ooit 7e geworden op het NK Allround. De Elfstedentocht speelde bij ons thuis niet echt. Ook in Friesland is er een verschil in beleving van de Elfstedentocht tussen mensen die in de omgeving wonen en de mensen daar buiten, en dat laatste gold voor mijn familie. In 1985 was ik samen met de Friese schaatsselectie op trainingskamp in Inzell toen we daar hoorden dat de Elfstedentocht doorging. De ouderen uit de selectie gingen direct terug naar Friesland, maar wij bleven daar. In 1986 heb ik al toeschouwer de Elfstedentocht beleefd. Samen met een vriendin (Carolina Hut) heb ik toen per bus delen van de route bezocht. Dat ik de volgende winnares zou kunnen worden speelde absoluut niet door mijn hoofd. Rond mijn twintigste ben ik baanmarathons gaan schaatsen. Het schaatsen heb ik altijd gecombineerd met een baan. Jarenlang heb ik bij Koga Miyata gewerkt. Ook ben ik lange tijd postbode geweest. Dat was in mijn voordeel als marathonschaatsster. Ik was gehard door weer en wind en pakte ongemerkt al wat duurtraining mee. Het trainen ging mij niet altijd makkelijk af. Ik trainde hard, maar kwam begin jaren negentig, in de finale vaak net te kort. Vervolgens heb ik Henk Gemser benaderd voor hulp. ‘Het gaat toch goed’, antwoordde hij op mijn verzoek om ondersteuning. ‘Nee, ik wil winnen’, zei ik terug. ‘Oh, zei Henk, dan kunnen we verder praten’. Onder begeleiding van Henk Gemser werd er structuur aangebracht in mijn trainingsopbouw en boekte ik de progressie die ik zo graag wilde. Op het NK natuurijs in 1996 was ik in topvorm, maar werd door goed ploegenspel geklopt door Jenita Smit. Daardoor was ik getergd geraakt en tijdens de Elfstedentocht van 1997 dacht ik: Dat gebeurt mij niet weer:’ Na een goede start werd ik pas halverwege Leeuwarden- Sneek ingehaald door Peter de Vries en Fausto Marreriros, dat was voor mij een teken dat ik goed lag in de wedstrijd als 30e plaats overall kwam ik aan in Sneek. Op welke plek ik lag in de vrouwenwedstrijd, dat wist ik niet. Volgen van de mannen was voor mij het enige doel. De doorkomst in Balk maakte diepe indruk. Ik krijg nog kippenvel als ik daar aan denk. Op het Slotermeer was de route gemarkeerd met takken die in het ijs staken. Omdat het nog donker was reden wij tegen die boompjes op en lagen we soms met z’n allen plat op het ijs. Voorbij Bolsward kreeg ik vanaf de kant te horen dat ik op de eerste plaats lag in de vrouwenwedstrijd. Na Harlingen sloot een groep aan waarin ook Gretha Smit schaatste. Vanaf Dokkum wisten wij dat we om de winst streden. Gretha probeerde een paar keer te demarreren, maar ik attaqueerde gelijk fel. Soms stonden we zelfs even surplace. Helaas zijn er geen TV-beelden van. Na Oudkerk gingen Gretha en ik soms van links naar rechts over de Murk. De meeste mannen uit onze groep waren vanaf Dokkum al doorgereden alleen Jan Kooiman en Eric Jan Hagendoorn bleven bij ons in de buurt. Tijdens onze finale liet de NOS-beelden zien van de Noorse schaatsvedette Johan Olav-Koss die deelnam aan de toertocht. Toen kwam de bocht naar rechts op de Bonkevaart en veranderde het ‘kat en muis’ spel zijn einde. In een lange eindsprint won ik het. Direct na de finish kwam ik ten val, maar in alle euforie voelde ik niet dat ik mijn enkel zwaar gekneusd had. In het FEC kwam ik Baukje Bron tegen en die zei dat ze ten onrechte als vierde geklasseerd was door een fout door de jury. Graag had ik met haar samen op het podium gestaan. Bij de huldiging bleken ze vergeten te zijn een krans voor de eerste vrouw te regelen, ‘geen probleem zei ik en ik ben bij Henk Angenent in zijn krans gedoken op het podium. Op de schouders van Willem Poelstra keek ik naar de van uitzinnige vreugde ‘kolkende massa’ in het FEC. Een paar weken na de Elfstedentocht heb ik een zwangerschapstest gedaan en werden mijn vermoedens bevestigd. Tijdens de Elfstedentocht was ik al zwanger van Tom, dat is heel bijzonder. De Elfstedenoverwinning heeft mij veel gebracht, niet financieel, maar ik ben er figuurlijk een rijker mens door geworden. “


*Mede door de boekpublicatie Deelnemen mag, winnen is een ander verhaal in 2014, kwam de positie van vrouwen in de Elfstedentocht opnieuw in de belangstelling. Hetgeen uiteindelijk op 19 januari 2021 resulteerde in een huldiging door de Koninklijke vereniging de Friesche Elf Steden. Met haar werden ook Lenie van der Hoorn, winnares in 1985 en Tineke Dijkstra, die won in 1986, in de schijnwerpers gezet. De drie vrouwen kregen in het televisieprogramma M een eerbetoon van Elfstedenvoorzitter Wiebe Wieling. Hij gaf ze een oorkonde voor hun prestatie en hun namen werden in de zomer van 2021 bijgeschreven op het Elfstedenmonument in Leeuwarden, dat was niet eerder gebeurd omdat er officieel in het wedstrijdreglement geen wedstrijd voor vrouwen bestond. Dat is sinds 2012 veranderd.



Laatste berichten